Bewapening

De bewapening

Deel 1

Blanke wapens

Home

Fabrikants- en eenheidsmarkeringen op de wapens :

 

 

De M1889 bajonetten :

 

Op verschillende fora was ons opgevallen dat er nog steeds wat misverstanden bestaan aangaande de markeringen op de Belgische wapens.

Of het nu gaat om de bajonetten of de M1889 geweren of karabijnen, dikwijls stellen mensen nog vragen of geven beschrijvingen aangaande de letters die op het wapen voorkomen die geen steek houden. Je ziet dan een beschrijving in de zin van : "heeft een dubbele eenheidsmarkering" want draagt een alleenstaande letter op de ene zijde en dan nog een andere letter met een nummer op de andere.

Laten we voor de duidelijkheid, als voorbeeld, een bajonet uit mijn verzameling nemen : deze heeft aan de ene zijde van de pareerstang de alleenstaande hoofdletter "K" en aan de andere zijde de combinatie "F 1769".

Meermaals lees ik dan dat iemand denkt dat de letter "K" staat voor de eenheid (hier het 11e linieregiment) en dat die bajonet dubbelgemarkeerd is met de letter "F" aan de andere zijde (die dan zou hebben toebehoord aan het 6de linieregiment). Dit is een grote misvatting. De letter "F" voor het nummer heeft absoluut niets te maken met een eenheid. Wat wel klopt is dat de letter "K" staat voor de eenheid, hier het 11e linieregiment. De letter "F" is de reeksletter die voor het serienummer staat en dat ook terug te vinden zal zijn op het geweer waar de bajonet bijhoort. Een geweer kwam namelijk uit de fabriek samen met zijn bajonet met hetzelfde serienummer.

Opgelijnd tegen de muur links in afwachting van de kwaliteitscontrole :

M1889 geweren met hun bajonetten.

 

Fabrikants- en eenheidsmarkeringen op de wapens :

 

 

De M1889 bajonetten :

 

Op verschillende fora was ons opgevallen dat er nog steeds wat misverstanden bestaan aangaande de markeringen op de Belgische wapens.

Of het nu gaat om de bajonetten of de M1889 geweren of karabijnen, dikwijls stellen mensen nog vragen of geven beschrijvingen aangaande de letters die op het wapen voorkomen die geen steek houden. Je ziet dan een beschrijving in de zin van : "heeft een dubbele eenheidsmarkering" want draagt een alleenstaande letter op de ene zijde en dan nog een andere letter met een nummer op de andere.

Laten we voor de duidelijkheid, als voorbeeld, een bajonet uit mijn verzameling nemen : deze heeft aan de ene zijde van de pareerstang de alleenstaande hoofdletter "K" en aan de andere zijde de combinatie "F 1769".

Meermaals lees ik dan dat iemand denkt dat de letter "K" staat voor de eenheid (hier het 11e linieregiment) en dat die bajonet dubbelgemarkeerd is met de letter "F" aan de andere zijde (die dan zou hebben toebehoord aan het 6de linieregiment). Dit is een grote misvatting. De letter "F" voor het nummer heeft absoluut niets te maken met een eenheid. Wat wel klopt is dat de letter "K" staat voor de eenheid, hier het 11e linieregiment. De letter "F" is de reeksletter die voor het serienummer staat en dat ook terug te vinden zal zijn op het geweer waar de bajonet bijhoort. Een geweer kwam namelijk uit de fabriek samen met zijn bajonet met hetzelfde serienummer.

 

 

 

Wanneer men een Belgische bajonet of geweer M1889 bekijkt zal men merken dat deze altijd een serienummer heeft bestaande uit vier cijfers. Dit wil zeggen dat men dan een nummering krijgt van "0" tot "9999". Als we nu even logisch nadenken begrijpt men onmiddellijk dat het niet kan dat er maar een kleine 10000 bajonetten of geweren zijn gemaakt voor het hele leger. Daarom hebben de fabrikanten aan elke reeks een letter gegeven. In ons voorbeeld hier is de letter "F" dus de zesde reeks die werd gemaakt door die fabrikant.

Er zijn dus al iets meer dan 50000 bajonetten gemaakt die aan deze hier voorafgaan. Men zal eveneens dezelfde markeringen terugvinden op de schede van de bajonet. Deze staan dan onder elkaar in volgorde geplaatst op de draaghaak om de schede in de koppelschoen te bevestigen. Altijd eerst de eenheidsletter gevolgd door de reeksletter en dan het serienummer. In ons geval dus eerst de letter "K" gevolgd door de letter "F" met daaronder het serienummer "1769".

Dus : Alleenstaande letter (altijd hoofdletter) is eenheidsidentificatie, letter gevolgd door een 4 cijferig nummer is altijd de reeksidentificatie gevolgd door het serienummer (deze letter kan verschillend zijn van vorm al naargelang de fabrikant : hoofdletter, kleine letter of calligrafische hoofdletter).

 

De eenheidsmerking werd uiteraard in de eenheid zelf aangebracht.

 

 

De belgische Mauser M1889 :

 

Voor de geweren M1889 gelden net dezelfde regels als hierboven vermeld vermits elk geweer zijn eigen bajonet had met dezelfde reeksletter en serienummer. De karabijnen M1889 dragen geen reeksletter. Bovendien werd, bij de geweren M1889, samen met het serienummer, de reeksletter en de eenheidsletter ook nog een volgnummer toegevoegd uit een doorlopende reeks beginnend bij "1" tot het hoogste getal dat overeenstemde met de totale hoeveelheid wapens, van dezelfde soort, die dat korps bezat. Dit volgnummer en eenheidsletter werden eveneens vermeld op al de toebehoren van dat wapen zoals de poetsstok, loopmondbeschermer, poetsset...enz. Deze toebehoren dragen geen serienummer omdat dit op zich geen onderdelen zijn van het wapen (zie foto's hieronder).

 

Voor de bajonetten werd dit niet gedaan om begrijpelijke redenen, men zou dan immers op de beide zijden van de pareerstang een letter en een nummer hebben en dit zou tot verwarring leiden. Een enkele uitzondering hierop zijn de bajonetten van Burgerwacht. Deze hadden als eenheidsmarkering een enkele of een dubbele eenheidsletter.

Wanneer ze een dubbele letter hadden kwam het volgnummer na deze letters. Hadden ze een enkele letter dan kon deze zowel voor als achter het volgnummer staan wat weer niet ideaal was om verwarring te vermijden. Wat ons wel opvalt is dat de reeksletter met het serienummer meestal op de linkerzijde van de bajonet voorkomt (wanneer men de bajonet rechtop voor zich houdt met de krul naar links). We schrijven hier "meestal" omdat de HOPKINS & ALLEN weer een uitzondering vormt.

Hier staan serienummer en reeksletter op de rechterzijde en komt de eenheidsletter na het serienummer.

Deze bajonnetten hebben wel geen eenheidsletter.

 

We kennen momenteel volgende fabrikanten :

 

1) FABRIQUE NATIONALE HERSTAL LIEGE : Deze fabrikant gebruikt het type letter zoals aangegeven in ons voorbeeld "F", zijnde hoofddrukletters .

 

2) MANUFACTURE D'ARMES DE L'ETAT (M.A.E) : Deze gebruikt enkel kleine letters als reeksmarkering "a", "b". Het eigenaardige aan deze fabrikant is dat hij blijkbaar van de geweren M1889 maar twee reeksen heeft gemaakt omdat er buiten de "a" en "b" reeks geen andere letters bekend zijn. Wat we ondertussen wel hebben gevonden is dat er bij de FABRIQUE NATIONALE een eerste bestelling werd geplaatst van 150.000 stuks. Nadien zijn er nog twee bijkomende bestellingen geweest van 20.000 stuks. De M.A.E. is dus hoogstwaarschijnlijk één van de fabrieken die een bijkomende bestelling heeft vervaardigd gezien er maar twee reeksen van 10.000 stuks bekend zijn.

 

3) HOPKINS & ALLEN ARMS CO. : Is de Amerikaanse fabrikant van Belgische wapens tijdens de oorlog.

Deze gebruikt eveneens hoofdletters maar dan in de calligrafische vorm en niet in drukletters zoals "D", "E" en had zijn volledige naam op het ricasso van de bajonet staan. Deze wapens dragen geen eenheidsletter vermits men niet wist bij welke eenheid ze gingen terecht komen.

Hier komt de reeksletter na het serienummer in plaats van er voor te staan.

 

4) ETAT BELGE BIRMINGHAM (UK) : Was een fabrikant die vooral geweren en karabijnen maakte of hieraan herstellingen uitvoerde wanneer ze beschadigd werden. Reeksletter net als bij FN een hoofddrukletter gevolgd door het serienummer.

Eveneens geen eenheidsletter.

 

5) SANDERSON BROTHERS SHEFFIELD (UK): Deze firma maakte vooral M1889 bajonetten.

Deze zijn echter moeilijker te vinden.

Men vindt gemakkelijker loopgraafdolken "SHEFFIELD" gemarkeerd die van deze bajonetten gemaakt werden dan de bajonet zelf in originele staat.

Bajonetten bij SANDERSON gemaakt dragen geen markeringen tenzij de fabrikantsnaam op het ricasso.

 

Omdat onze wapenfabrieken in bezet gebied lagen en niet meer voor ons leger konden produceren moest men uitwijken en beroep doen op buitenlandse firma's om wapens en uitrusting te maken en te leveren.

 

Onderstaande foto's brengen meer duidelijkheid aangaande de markeringen :

 

De types bajonetten in dienst bij het Belgische Leger tijdens de Eerste Wereldoorlog :

 

 

 

Net als bij de markeringen, was mij opgevallen dat ook hier veel discussie bestaat en veel misvattingen de ronde doen over bepaalde modellen. We zullen proberen ook hier enige klaarheid te brengen.

 

 

De Belgische bajonetten :

De M1889 bajonet (Infanterie en Genie)

 

 

Het meest gekende model van de Belgische bajonetten.

Totale lengte zonder schede : 375mm

Totale lengte met schede : 385mm

Lengte lemmet : 250mm

Diameter loopring : 17,5mm

Draaghaak schede rechthoekig van vorm met afronding aan één zijde en vlak (hierop staan soms ook de markeringen zoals serienummer,reeksletter en eenheidsletter).

De M1889 bajonet (Burgerwacht)

 

Bajonet met eenheidsmarkering "AH 1853" de reeksmarkering "T 4484". Veel "Burgerwacht" bajonetten zijn met de reeks "T" gemarkeerd. Blijkbaar is een groot deel hiervan naar deze eenheden gegaan. Had de eenheid een enkele letter dan kon deze voor of achter het nummer staan.

 

Totale lengte zonder schede : 425mm

Totale lengte met schede : 435mm

Lengte lemmet : 295mm

Diameter loopring : 17,5mm

Draaghaak schede rechthoekig van vorm met afronding aan één zijde en vlak (hierop staan soms ook de markeringen zoals serienummer,reeksletter en eenheidsletter). Het getoonde model heeft geen markeringen en is waarschijnlijk een vervangingsschede van tijdens de oorlog

Yatagan voor karabijn M1889 (Vestingsartillerie en Rijkswacht)

 

Gebruikt op de "Carabine M1889" door de Rijkswacht te voet en de "Carabine M1889 allégée" voor de Rijkswacht te paard.

Eveneens bestemd voor de Vestingsartillerie.

 

Totale lengte zonder schede : 675mm

Totale lengte met schede : 705mm

Diameter loopring : 17,5mm

Draaghaak rond van vorm 13mm diameter en bolvormig.

De eerste is (V) gemarkeerd met nummer "19711" en hoorde toe aan het 9e Regiment Vestingsartillerie (afgedeeld bij de vestingstroepen van Luik)

De tweede is "W" gemarkeerd met nummer "28782" en is dus Rijkswacht.

De M1889 bajonet (HOPKINS & ALLEN)

 

De M1889 bajonet gemaakt door de Amerikaanse firma HOPKINS & ALLEN ARMS CO. Norwich Connecticut.

Langer dan de burgerwachtversie.

 

 

Totale lengte zonder schede : 525mm

Totale lengte met schede : 535mm

Diameter loopring : 17,5mm Draaghaak ellipsvormig 20mm lang en bol.

Het exemplaar hier afgebeeld heeft uitzonderlijk de originele schede nog. Er bestaat ook een tweede type schede met de platte draaghaak zoals de Belgische modellen en soms zie je ze ook met de schede van de "REMINGTON 1914" bajonet zoals op de foto hiernaast. REMINGTON geweren werden door de Fransen gebruikt in de tweede lijn. Het is dus heel goed mogelijk dat bajonetschedes bij de Belgen zijn terechtgekomen.

 

De M1916 bajonet

 

Bajonet gemaakt tijdens het conflict. Er werden veel werkplaatsen en fabrieken gebouwd in Frankrijk waar dan Belgen aan de slag gingen om de nodige uitrusting te maken. De foto hieronder toont zo een werkplaats ergens in Calais waar Belgische soldaten tewerkgesteld zijn. Men kan zien dat sommigen onder hen de Yzerkepie dragen. De bajonetten staan recht op de werkbank. Van deze bajonet kennen we eveneens twee types. Het eerste type, de zuivere M1916 werd gemaakt uit verschillende losse onderdelen die dan werden geassembleerd. Voor het tweede type, de M1916/17 werd in 1917 het produktieproces vereenvoudigd en werd de bajonet uit één stuk metaal gefreesd om tijd en kosten te sparen. Deze zijn te herkennen aan de afgeronde overgang van handgreep naar pareerstang. Van dit model wordt ook ten onrechte beweerd dat het na-oorlogs is. Voor de M1916 bajonetten werden ook veel "Gras" schedes gebruikt omdat deze voldoende voorhanden waren. Hiervoor werd dan ook de punt van de bajonet bijgeslepen (zie model hiernaast). Op de andere foto hieronder is dezelfde bajonet te zien in close-up. Men kan duidelijk zien dat deze nummergelijk is en "Gie" gemarkeerd wat ook het verhaal van de zogezegde "Rijkswachtbajonet" ontkracht welke hierna wordt beschreven.

 

De foto's hiernaast tonen de verschillen tussen een "Gras" bajonet, een Belgische M1916 bajonet met aangepaste "Gras" schede en een M1916 bajonet met Belgische schede. Let op de foto in close-up op de punt van de Belgische bajonet die eveneens is aangepast om in de "Gras" schede te kunnen. De twee laatste tonen een M1916 en een M1916/17. Let op de afgeronde overgang van handgreep naar pareerstang alsook hier de "Gras" schede.

 

De M1916 "Ersatz" bajonet (De beruchte Rijkswacht bajonet)

 

Waarschijnlijk "DE" meest controversiële bajonet waarover al gediscussieerd is. Iedereen kent ze onder de naam "Rijkswachtbajonet". Ze is in feite niet meer dan een M1916 ersatz model gemaakt met het "T" vormig lemmet van een Franse "Gras" bajonet. Vermits het "Gras" geweer door de meeste eenheden was afgevoerd wegens te "verouderd" waren er meer dan voldoende bajonetten beschikbaar. Deze werden dan ook snel gebruikt en aangepast om zo ook weer tijd en kosten te sparen.

 

De meeste van deze bajonetten dragen op de rug nog de oorspronkelijke fabrikantsnaam. Ze werden eveneens gebruikt door de Rijkswacht en waren dan als dusdanig gemarkeerd. Ze waren echter niet bedoeld om enkel dit korps ervan te voorzien. KIESLING beschrijft ze in zijn boek VOL.II als zijnde "Gendarmerie".

 

Hij zal waarschijnlijk het model in handen gehad hebben dat zo gemarkeerd was waardoor hij veronderstelde dat ze enkel aan dit korps werd geleverd. Later werd deze foute informatie overgenomen in JANZEN'S NOTEBOOK. Als argument kunnen we aanvoeren dat er genoeg gewone M1916 bajonetten zijn die eveneens met "Gie" gemarkeerd zijn zonder dat men daarover zegt dat ze specifiek "Rijkswacht" zijn (zie model hierboven). De meeste ersatzbajonetten zijn zelfs totaal niet gemarkeerd wat meestal het geval was met oorlogsproduktie.

De Turkse Bajonnetten :

De M1890 bajonet

 

Eigenlijk moeten we hier spreken over een "Ottomaanse" bajonet vermits de Turkse Republiek zoals we ze nu kennen pas werd gesticht op 29 oktober 1923.

 

Deze bayonetten (samen met de geweren) werden geleverd aan het Belgische leger door de Britten na de Gallipoli campagne. Tijdens de Gallipoli campagne werder er een groot aantal Turkse Mausers buitgemaakt.

 

Daar de Turkse Mauser hetzelfde caliber heeft als de Belgische Mauser (7,65) werden deze dan ook ter beschikking gesteld van het Belgische leger.

 

Turkse M1890 met fabrikantnaam in het Arabisch.Deze is gedateerd 1311 (Arabische kalender) wat overeenkomt met ons jaartal 1893